Innoveren
Nieuws

3D-printers op de marinevloot, vliegveld voor drones

’Met de Regio Deal is Den Helder niet meer het verlegen jongetje dat onzeker om zich heen kijkt’

Met de beklonken Regio Deal trekken het Rijk en de Noordkop samen op. Voor de Helderse wethouder Kees Visser en Thijs Pennink (directeur Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord) is het samenwerkingsverband een kansrijk project dat een impuls moet geven aan de welvaart in de hele Noordkop.

,,Door de Regio Deal investeren we in kennis en talent, het zogeheten human capital. Daarnaast komen we tot innovaties en nieuwe maritieme technologieën’’, zo verduidelijkt Visser. ,,In de energietransitie waar we ons nu in bewegen is het tevens een stimulans voor de waterstofeconomie. Voor defensie, de scheepsbouw en de scheepvaart ziet de wereld er over een paar jaar heel anders uit.’’

© Foto Peter van Aalst

Project

De Regio Deal levert 10 miljoen euro op, 5 miljoen via het Rijk, 3,5 miljoen van de provincie Noord-Holland en de gemeente Den Helder doneert 1,5 miljoen. Met dat geld wordt het project aangejaagd. ,,Uiteindelijk moet het leiden tot een bredere welvaart in de Kop van Noord-Holland’’, aldus Visser. ,,Het is ook niet zo dat we een zak met geld hebben gekregen. Het Rijk zit er bovenop en monitort alles wat we doen.’’

Met de Regio Deal kan de Noordkop twee belangrijke accenten plaatsen. Visser: ,,De eerste is olie, gas en de offshore. Daarnaast zetten we in op de groei van de defensie-onderdelen zoals de Koninklijke Marine met meer personeel en nieuw materieel.’’

De rol van het Ontwikkelingsbedrijf – het vaste aanspreekpunt voor economische ontwikkelingen in de regio – is al een tijd gaande, erkent Pennink. ,,Het Ontwikkelingsbedrijf werkte al aan projecten op het terrein van waterstof innovatie en maritieme innovatie. Deze hebben we ingebracht in de Regiodeal. Het programma dat we zijn aangegaan, rust op twee pilaren: de stimulering van de waterstofeconomie en de maritieme innovatie.’’

Het programma Maritieme Innovatie komt volgens Pennink samen in het Maritime Emerging Technologies Innovation Park (Metip). ,,We streven naar een hoogwaardig bedrijfsklimaat dat is gebaseerd op maritieme techniek. Het uitgangspunt is dat bedrijven, kennisinstellingen, studenten en start-ups daarin samenwerken en waarbij we ook gebruik maken van opkomende technologieën zoals 3D-toepassingenvirtual-reality en drones.’’

TU Delft

Visser geeft aan dat het de Noordkop ook in staat stelt om werknemers makkelijker aan de Noordkop te binden. ,,Er is talent genoeg, maar er moet wel perspectief zijn. Dan moet je zorgen dat de Noordkop een hotspot is waar tal van uitdagingen liggen. We beginnen ook echt niet op nul. De TU Delft heeft alle experimenten gedaan met 3D-printers en drones. Die kennis is er, alleen willen we de toepassingen nu ook deze kant op halen.’’

Als voorbeelden noemt Visser een driedimensionale printer op een marinefregat. ,,Daardoor kun je makkelijker onderdelen op een schip vervangen en hoef je geen helikopter op en neer te laten vliegen. Met virtual reality kun je situaties op een marineschip nabootsen waarbij studenten een heel waarheidsgetrouw beeld kunnen krijgen hoe het er aan toe gaat en ook getraind worden hoe ze daar mee moeten omgaan.’’

Pennink benadrukt dat het niet alleen om Den Helder gaat. ,,Ook bijvoorbeeld de agrarische sector om Den Helder heen kan hier volop van profiteren. Het doel is om fossiele energie te vervangen door nieuwe energie. Dat betekent dat in de toekomst waterstof volop wordt ingezet in de grote industrie. Wij zijn ook al bezig met een project voor een agrarische tractor die op waterstof gaat rijden. Hiermee krijgen we ook elders in het land de nodige aandacht. De Noordkop is niet meer het verlegen jongetje dat wat onzeker om zich heen kijkt. Vanuit de haven van Rotterdam is er inmiddels ook belangstelling voor de dingen waar wij mee bezig zijn en dat geldt ook voor multinationals uit de energiesector. Ze zijn zeer geïnteresseerd en hebben aangeven dat ze zich aan het programma in Den Helder willen verbinden.’’

© Foto Peter van Aalst

Dronevliegveld

Voor het Metip wordt een aanloopperiode van vier jaar uitgetrokken. Daarna moet het een zelfstandige organisatie zijn. Ook moet het volgens Visser dan fysiek aanwezig zijn. ,,Het is een proeftuin waar data, kennis en expertise en apparaten ter beschikking komen. Een belangrijk onderdeel betreft de ruimte voor een dronevliegveld. Een faciliteit voor vliegen, testen, opleiding en training waar ook derden gebruik van kunnen maken.’’

Bron: Noord-Hollands Dagblad

gerelateerd